Wannes Van de Velde - De schippersgast
De schippersgast
En der achter in ons strotshe
En vanachter in ons straatje
dor woênd e maske fijn
daar woont een meisje fijn
der kwam al iêne kliêrmaker aan
daar kwam al een kleermaker aan
schoê maske wilde gah mij, zeed ij
mooi meisje wil jij mij, zei hij
schoê maske wilde gah mij?
mooi meisje wil jij mij?
nee nee knipscheêr
nee nee knipschaar
gij gefd den bóer z'n lappe ni weer
jij geeft de boer zijn lappen niet weer
daar moet nog nen aendere zijn
er moet nog een ander zijn
diê zal emme den trou van mij
die zal hebben de trouw van mij
En der achter in ons strotshe
En vanachter in ons straatje
der woênd e maske fijn
daar woont een meisje fijn
der kwam al iêne schoengmaker aan
daar kwam al een schoenmaker aan
schoê maske wilde gah mij, zeed ij
mooi meisje wil jij mij, zei hij
schoê maske wilde gah mij?
mooi meisje wil jij mij?
nee nee pekdraad
nee nee pekdraad
gij mokt zoe miênige vuile naad
jij maakt zo menige vuile naad
daar moet nog nen aendere zijn
er moet nog een ander zijn
diê zal emme den trou van mij
die zal hebben de trouw van mij
En der achter in ons strotshe
En vanachter in ons straatje
dor woênd e maske fijn
daar woont een meisje fijn
der kwam al iêne smidsgast aan
daar kwam al een smidsgast aan
schoê maske wilde gah mij, zeed ij
mooi meisje wil jij mij, zei hij
schoê maske wilde gah mij?
mooi meisje wil jij mij?
nee nee zwarte biêst
nee nee zwart beest
goh nor uis en wast oe iêst
ga naar huis en was je eerst
daar moet nog nen aendere zijn
er moet nog een ander zijn
diê zal emme den trou van mij
die zal hebben de trouw van mij
En der achter in ons strotshe
En vanachter in ons straatje
dor woênd e maske fijn
daar woont een meisje fijn
der kwam al iênen biênouwer aan
daar kwam al een beenhouwer aan
schoê maske wilde gah mij, zeed ij
mooi meisje wil jij mij, zei hij
schoê maske wilde gah mij?
mooi meisje wil jij mij?
nee nee roêd van blóed
nee nee rood van bloed
gij diê zoevele moêrde dóet
jij die zoveel moorden doet
daar moet nog nen aendere zijn
er moet nog een ander zijn
diê zal emme den trou van mij
die zal hebben de trouw van mij
En dor achter in ons strotshe
En vanachter in ons straatje
dor woênd e maske fijn
daar woont een meisje fijn
der kwam al iêne schippersgast aan
daar kwam al een schippersgast aan
schoê maske wilde gah mij, zeed ij
mooi meisje wil jij mij, zei hij
schoê maske wilde gah mij?
mooi meisje wil jij mij?
ja ja schippersgast
ja ja schippersgast
gij ligd altijd in 't water en plast
jij ligt altijd in het water en plast
daar moet giênen aendere zijn
er moet geen ander zijn
gij zuld emme den trou van mij
jij zal hebben de trouw van mij



